Adressen, route en contactformulier brandmeesters webshop brandmeesters webshop ook aan de slag bij Brandmeester's?
De beginpagina Koffie,  thee, espressomachines etc. Onze verkooppunten Garantie, Technische Dienst etc Welke sterke merken verkopen wij? Brandmeester's ook binnen uw bedrijf?
Zoek en vindt hiet de lekkerste recepten
KOFFIE- ALGEMEEN
Een bijzondere drank
De Nederlanders waren de eersten die het commerciële belang van koffie verstonden. Nederlandse handelaren wisten de koffieplant uit Ethiopië, waar de plant werd ontdekt, te smokkelen en mee te nemen naar Ceylon en later Java. Hier begonnen ze de koffie te verbouwen.

In 1706 namen zij een paar koffieplantjes van hun plantages op Java mee naar de tropische kassen in Amsterdam. De burgemeester van Amsterdam gaf één van deze koffieplantjes in 1713 cadeau aan de Franse koning Lodewijk de Veertiende. Een Franse kolonel bracht stekjes van deze plant naar de koloniën in de Caraïben. Via deze eilanden belandde de koffie in Midden en Zuid Amerika. Zo stammen alle koffiestruiken in de wereld af van dit ene Amsterdamse koffieplantje!

Weinig dranken spreken zo tot de verbeelding als koffie. Misschien wel vanwege de exotische herkomst en de romantiek die om koffie hangt. Of, vanwege de zorg waarmee de koffiebonen worden geteeld, waarbij het weer, de lucht, de temperatuur en de manier van verwerken hun stempel drukken op het karakter van de koffiebonen, net als wijn.

 

 

De koffieplant: Coffea
De koffieboon is één van de twee zaden van de koffiebes. Deze bes is een steenvrucht en wordt voortgebracht door een groene plant, die behoort tot het plantengeslacht ‘Coffea’: de koffieplant. Oorspronkelijk komt de koffieplant uit Jemen en Abessinië [het huidige Ethiopië]. Maar tegenwoordig groeien de meeste koffieplanten in tropische en subtropische gebieden tussen de Kreefts- en de Steenbokskeerkring. Arabica gedijt het beste op hooggelegen plantages bij een temperatuur van tussen de 20 en 24 graden Celsius en een jaarlijkse regenval van 150 tot 200 centimeter.

De teelt van de koffieplant
Als uit de zaden na 6 tot 18 maanden kleine koffieplantjes zijn gegroeid van zo’n 30 a 60 centimeter hoog, worden ze verplant van de kwekerij naar de plantage. De koffieplant heeft zonlicht nodig maar ook weer niet teveel. Daarom is het soms nodig de koffieplanten met “schaduwbomen” te beschermen tegen teveel zon. Als de plant niet wordt gesnoeid, dan kan een Robusta wel meer dan tien meter hoog worden en meer dan 60 jaar oud. Op de plantage wordt de plant steeds gesnoeid tot een hoogte van 1 ,5 tot 3,5 meter. Zo draagt zij meer vruchten, die ook nog eens gemakkelijker te plukken zijn. Een goede plant gaat ongeveer 15 tot 25 jaar mee.

 
De koffievrucht
Na 4 a 5 jaar bloeien de planten voor het eerst met witte bloemen waarvan de geur aan jasmijn doet denken. Na bevruchting -de koffieplant bevrucht zichzelf -nemen bessen de plaats in van de bloemen. De bessen zijn de vruchten van de koffieplant. Als de bloemen, bijvoorbeeld door hevige regenval, zijn vernietigd, zal de plant ook geen vruchten dragen. De koffiebes bevat twee zaadjes, die met de platte kant tegen elkaar aanliggen. Dit zijn de groene koffiebonen. Beide bonen worden omgeven door een zilverkleurig vlies, dat weer wordt beschermd door een hoornschil. Om de hoornschil ligt een vruchtwand van suikerhoudend vruchtvlees. De buitenste laag is de schil die donker rood kleurt als de bessen rijp zijn.
De koffieboon
Waar het allemaal om gaat bij de koffieteelt is de koffieboon. Niet alle zestig soorten van de Coffeaplant zijn echter even geschikt voor consumptie. Eigenlijk kunnen we zeggen dat er maar drie soorten actief verbouwd worden voor consumptie: de Coffea Liberica, de Coffea Robusta en de Coffea Arabica. Vanwege de matige kwaliteit en de lage opbrengst wordt de Coffea Liberica steeds minder verbouwd. De Coffea Robusta en Coffea Arabica zijn de belangrijkste soorten.

 

 

Coffea Robusta [Coffea Canephora]
De ruwe bonen van de Robusta zijn rond, lichtgroen en hebben een rechte nerf. Ze groeien in vochtige, laaggelegen valleien en tropische bossen tot een hoogte van 600 meter. De kwaliteit van de Robusta bonen is minder verfijnd dan de kwaliteit van de Arabica. Vergeleken met de Arabica is de Robusta plant beter bestand tegen hogere temperaturen, hevige regenval en ziekten. Zij hoeft minder intensief gesnoeid te worden en heeft een hogere opbrengst per hectare. De goedkopere Robusta’s worden vooral gebruikt in instant koffie en als basis voor de goedkopere (rood-merk) melanges.

Coffea Arabica
De Arabica bonen zijn donkergroen, ovaal en groter dan de Robusta’s. Bovendien is de nerf niet recht maar gebogen. Ze groeien het best in een bergklimaat op een hoogte die ligt tussen de 600 en 1800 meter. Verder prefereren ze een jaartemperatuur van niet meer dan 21 graden Celsius, overvloedige regen en geen vorst. De betere Arabica bonen groeien in hooggelegen gebieden boven de 1500 meter, waar de lucht ijl is. Kenmerkend voor de Arabica bonen is het evenwichtige aroma en de complexe vol-aromatische smaak. Arabica’s bevatten minder cafeïne dan Robusta’s, namelijk tussen 0,8 en 1,3%. En juist hierom heeft Arabica de meest verfijnde smaak en -niet te vergeten- het breedste smaak-spectrum. Arabica koffie is vergelijkbaar met wijn; de grond waar de struik in geworteld staat, de ligging van de helling, de hoogte van de berg en het microklimaat bepalen -net als bij wijn -het karakter van elke koffiesoort [vinologie: terroir]. Juist om deze eigenschappen koopt Brandmeester’s alleen Arabica bonen in.

De oogst
Hoe vaak er per jaar wordt geoogst, hangt af van de regenval en de temperatuur. In de hoger gelegen gebieden en in gebieden met één regenseizoen [zoals Brazilië] bloeien de koffieplanten één keer per jaar. De planten dragen dus ook maar één keer per jaar nieuwe koffiebessen. Dit betekent niet, dat de bessen ook in één keer worden geplukt. Het oogsten kan wel een paar maanden duren, omdat men steeds alleen de rijpe [rode] bessen plukt. Er zijn ook gebieden die twee regenseizoenen per jaar hebben [zoals Costa Rica]. Hier kan men twee keer oogsten. In warmere, nattere en lager gelegen gebieden kan de koffieplant wel 3 a 4 keer per jaar vruchten dragen. De opbrengst van een plant ligt tussen een half pond en vier kilo per jaar. Hiervoor is vijf maal zoveel gewicht aan bessen nodig.
 
Strenge selectie
Niet iedere bes aan de koffieplant is op hetzelfde moment rijp. Aan één plant zitten dus zowel rijpe als onrijpe bessen. En dus zitten in de bessen zowel rijpe als onrijpe bonen. De beste bessen worden daarom met de hand geplukt, ook omdat er nog geen machine bestaat die de onrijpe van de rijpe bessen kan onderscheiden. Onrijpe bonen hebben een bittere smaak en te weinig aroma. Overrijpe bonen verspreiden een onaangename geur. De beste koffie komt van bessen, die precies rijp zijn; en dus moet de plukker meerdere keren alle koffieplanten bezoeken. Deze methode is weliswaar zeer arbeidsintensief, maar levert wel de beste kwaliteit koffie op. Daarom gebruikt Brandmeester’s alleen bonen die op deze wijze zijn geplukt.
 
De voorbewerking
Eerst dient het vruchtvlees van de bessen te worden verwijderd. Dit gebeurt op de plantages. Er bestaan twee methodes voor: de droge en de natte bewerking, Welke methode wordt gebruikt, hangt vooral af van de beschikbaarheid van water op de plantage. In principe geeft de natte bewerking een betere kwaliteitsgarantie. Als echter bij de droge bewerking met grote zorgvuldigheid wordt gewerkt, levert deze methode ook uitstekende bonen.
De droge bewerking
De droge bewerking is de oudste methode, die veel wordt toegepast in Brazilië en West-Afrika, De koffiebessen worden op terrassen gelegd en door de zon gedroogd. Tijdens het drogen, dat zo’n twee tot drie weken duurt, worden de bessen dagelijks geharkt en gekeerd om ze allemaal gelijkmatig te laten drogen. Als de bonen helemaal droog zijn, wordt het vruchtvlees, de hoornschil en het zilvervlies door een pelmachine verwijderd. Bij de droge bewerking bestaat de kans dat ook onrijpe of overrijpe bessen worden meegedroogd. De selectie vindt daarom na het drogen plaats. Het is dus belangrijk dat er zeer zorgvuldig wordt gewerkt. Daarom koopt Brandmeester’s alleen van gerenommeerde plantages, waar veel zorg aan de selectie wordt besteed. In Jemen en Ethiopië zijn er koffiebessen die worden gedroogd aan de boom. De koffie van deze bessen krijgt hierdoor een meer ‘bloemige’ smaak.
De natte bewerking
In de natte bewerking worden de bessen eerst gewassen. Eventueel aanwezige overrijpe bessen blijven drijven en worden (samen met blaadjes en stukjes hout) afgeschept. De rijpe (rode) en onrijpe (groene) bessen zinken en worden verwerkt in een centrifugale pulpmachine. Omdat het zachte vruchtvlees door de centrifugaalkracht breekt, komen de rijpe bonen tevoorschijn, verdwijnen door de 'screens' en worden zo gescheiden van het zachte vruchtvlees. Deze pulp wordt samen met de groene bessen verwijderd.
Om het vruchtvlees helemaal te verwijderen ondergaan de bonen een gistingsproces in grote watertanks. Door dit proces krijgen gewassen koffiebonen hun karakteristieke fris-zure [rinse] smaaknuance. Na de gisting worden de bonen goed gespoeld in schoon water en vervolgens door de zon of in speciale machines gedroogd. Als de bonen helemaal droog zijn, verwijdert een pelmachine de hoornschil en het zilvervlies. Ten slotte worden de bonen gesorteerd op kwaliteit. De natte bewerking is arbeidsintensiever en levert alleen rijpe bonen op. Dit geeft een betere kwaliteitsgarantie.

Als u tot hier alles hebt gelezen, dan weet u dat de ene partij koffie behoorlijk kan verschillen van de andere. Daarom koopt Brandmeester’s alleen koffiesoorten voor u in waaraan extra zorg is besteed.